passend onderwijs: begeleiding en ondersteuning leerlingen
Passend onderwijs
Passend onderwijs is het bieden van het juiste onderwijs voor ieder kind op school. Dit vraagt veel van de school. Dat kan de school niet alleen. Alles is er dan ook op gericht om dit samen te doen met externe instellingen. De wetgever heeft een wet passend onderwijs die in 2011 in werking treedt. Alle scholen zijn dan verplicht om passend onderwijs te bieden en er voor te zorgen dat belemmeringen in de school zo veel mogelijk weggenomen zijn opdat zo veel mgelijk kinderen van het onderwijs gebruik kunnen maken ongeacht handicap of stoornis. Iedere school is verplicht een zorgprofiel op te stellen. Het zorgprofiel maakt duidelijk wat de school aan passend onderwijs kan bieden. In onze school werken we hard om passend onderwijs voor zoveel mogelijk kinderen mogelijk te maken. Hiertoe hebben we een zorglijn, samenwerking in het samenwerkingsverband WSNS en doen we aan deskundigheidsbevordering. Een zorgprofiel voor onze school is in de maak. Tijdens een studiedag in maart 2011 gaan we een hele dag aan de slag om dit profiel voor onze school vast te stellen. zie www.passendonderwijs.nl
Begeleiding en ondersteuning
interne begeleiding
De zorglijn binnen de school staat beschreven in een brochure
Daarin staat stapsgewijs aangegeven hoe de school handelt wanneer er een kind in zijn ontwikkeling stagneert. De rol van de leerkracht, de intern begeleider en de ouders wordt daarin beschreven. De te volgen route loopt parallel aan de richtlijnen van het Samenwerkingsverband Waterland. Voor dyslexie hebben we een procedure. Ouders hebben inzagerecht in handelingsplannen, rapporten en verslagen van de school en de Schoolbegeleidingsdienst.
De intern begeleider is een leraar met speciale taken die in de school belast is met de coördinatie van de begeleiding van de aandachtskinderen. Bij ons is dat Laura. Zij werkt op ma di wo. Voor vragen kunt u altijd bij haar terecht.
De intern begeleider coördineert in de school de afname van de gestandaardiseerde toetsen die we geregeld afnemen. Het gaat dan om toetsen voor de vakgebieden, taal, rekenen en spelling. In de onderbouw krijgen alleen de tweede groepers eenmaal een gestandaardiseerde toets lees - en rekenvoorwaarden. Van ieder kind volgen we op die manier de ontwikkeling van het leren. Wij hebben hiervoor een toetskalender opgesteld. E.e.a. wordt vastgelegd in ons leerlingvolgsysteem.
begeleiding aandachtskinderen
Als het duidelijk is dat uw kind extra begeleiding en ondersteuning nodig heeft op school zijn er verschillende mogelijkheden. Afhankelijk van de hulpvraag van het kind kan er een indicatie aangevraagd worden voor het speciaal onderwijs. Die indicatie kan worden gebruikt voor een plaatsing op een school in het speciaal onderwijs die het beste past bij de begeleiding - en onderwijsvraag van het kind. Een andere mogelijkheid is deze indicatie in te zetten voor ondersteuning en middelen op de basisschool, de zogenaamde 'rugzak'. (dit is een leerlinggebonden beschikking). Zie: het speciaal onderwijs. (SO)
Het kan ook zijn dat uw kind voldoende heeft aan het begeleidingstraject op de reguliere basisschool. De basisschool wordt dan ondersteund door deskundigen uit het speciaal basisonderwijs. Zij zijn gespecialiseerd in onderwijs aan leerlingen met leer- en of opvoedingsmoeilijkheden. Zo kunnen leerlingen zo lang mogelijk op hun eigen school blijven en hoeven zij niet naar de speciale school voor basisonderwijs (SBO). Mocht dat om welke reden dat ook niet meer lukken dan kunnen kinderen, in goed overleg met de ouders, geplaatst worden in het speciaal basisonderwijs. Zie: het speciaal basisonderwijs (SBO)
De rugzak (leergebonden financiering LGF)
Met de inwerkingtreding van de Wet op de Leerling Gebonden Financiering (LGF), de rugzak, hebben ouders meer vrijheid en keuzemogelijkheden gekregen voor hun gehandicapte kind, hun kind met een stoornis of hun kind met een chronische ziekte. Het kind kan, als het een indicatie heeft, naar een school voor speciaal onderwijs. Maar deze indicatie kan ook worden omgezet in een 'rugzak'. De middelen en ondersteuning van het speciaal onderwijs, zoals ambulante begeleiding, gaan dan mee met het kind naar de basisschool.
Aanvullende formatie die we ontvangen wordt bijvoorbeeld gebruikt voor concrete ondersteuning van de leerling door de speciale leerkracht, overlegmomenten, meegaan naar gymlessen, een sociale vaardigheidstraining e.d. De school is verantwoordelijk voor het opstellen van een handelingsplan waarin de afspraken met de ouders worden vastgelegd over het onderwijs aan de leerling. Samen met de ouders en eventueel de ambulant begeleider wordt besproken waar de leerling nu staat en waar in de komende periode aan gewerkt gaat worden. Ouders en school moeten dit contract beiden ondertekenen. Zo hebben ouders dus inspraak in het onderwijs aan hun kind.
De school krijgt ook een financiële vergoeding. Met die vergoeding kunnen speciale methodes of materiaal voor de leerling aangeschaft worden. Ook kan er deskundigheidsbevordering voor de leerkracht uit betaald worden. Of er kan bijvoorbeeld extra ondersteuning bij excursies of schoolreisjes mee gerealiseerd worden. Ambulante begeleiding komt vanuit het speciaal onderwijs. De ambulant begeleider specificeert de vraagstelling. Het kind wordt geobserveerd en er is overleg met de leerkracht. De ambulant begeleider informeert de leerkracht en/of team, geeft voorlichting en advies. Ook kan er ondersteuning geboden worden bij het opstellen van het handelingsplan.
Op onze school hebben wij een speciale leerkracht (Annelies) die de kinderen met een 'rugzak' en de leerkrachten ondersteunt bij de begeleiding. Zij helpt de kinderen individueel en ziet er op toe dat het handelingsplan in de groep gerealiseerd wordt. Zij onderhoudt ook de contacten met de ouders en de ambulant begeleider. Dit doet zij in samenspraak met de intern begeleider.
Voor informatie kunt u terecht bij Annelies. Zij werkt op ma di wo do en vrijdagochtend. Voor meer informatie zie:www.oudersenrugzak.nl en www.pgb.nl
Het speciaal basisonderwijs (SBO)
Niet alle leerlingen die hulp van buitenaf nodig hebben, komen in aanmerking voor speciaal onderwijs of een 'rugzak'. Het gaat dan om moeilijk lerende leerlingen of leerlingen met leer- en/of opvoedingsmoeilijkheden. Deze leerlingen vallen onder de zorgtrajecten in het reguliere onderwijs. Het is de bedoeling dat zij zoveel mogelijk met leeftijdsgenootjes op hun school in de buurt kunnen blijven. Het speciaal basisonderwijs ondersteunt de school bij het bieden van de juiste hulp aan de leerling.
Mocht die hulp niet meer toereikend zijn, dan kunnen deze leerlingen naar het speciaal basisonderwijs (het vroegere leer opvoedingsmoeilijkheden (LOM) of moeilijk lerende kinderen (MLK)). Dit type onderwijs zit in vele opzichten tussen het reguliere en het speciaal onderwijs in. In het speciaal basisonderwijs zijn de klassen iets groter dan in het speciaal onderwijs, maar kleiner dan op de reguliere basisschool. Ook voor toelating tot het speciaal basisonderwijs is een beschikking nodig. Deze kan worden aangevraagd door school bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL).
Het speciaal onderwijs (SO)
Er is de laatste jaren veel veranderd in de organisatie van het speciaal onderwijs. Het speciaal onderwijs bestaat uit 10 verschillende schoolsoorten en is bedoeld voor kinderen met een handicap of stoornis. De scholen voor speciaal onderwijs en de ambulante begeleiding zijn per cluster georganiseerd in Regionale Expertise Centra (REC). Ze bundelen hun expertise waardoor leerlingen beter geholpen kunnen worden. De schoolsoorten zijn onderverdeeld in 4 clusters.
Cluster 1: Onderwijsinstellingen voor kinderen met visuele handicaps;
Cluster 2: Scholen voor kinderen met communicatieve handicaps: gehoorproblemen en ernstige spraaktaalproblemen;
Cluster 3: Scholen voor kinderen met een lichamelijke en/ of verstandelijke handicap en langdurig zieke kinderen;
Cluster 4: Scholen voor kinderen met psychiatrische - of ernstige gedragsstoornissen.
In de regio Amsterdam kennen we de volgende REC organisaties:
REC 2: REC 2 Holland-Flevoland www.rec2holland-flevoland.nl
REC 3: REC Noord- Holland www.recnoordholland.nl
REC 4: REC 4.5 www.rec45.nl
Om toegelaten te worden op een school voor speciaal onderwijs heeft de leerling een indicatie van de Commissie voor Indicatiestelling (CvI) voor het betreffende cluster nodig. De aanvraag voor een indicatie is per REC verschillend geregeld. Bij REC 2 en 3 gebeurt een aanvraag meestal in overleg met de school voor speciaal onderwijs waar het kind op aangewezen is. Bij REC 4 gebeurt de aanvraag rechtstreeks en vindt toewijzing van een school voor speciaal onderwijs plaats in overleg met het REC.
De intern begeleider kan u informeren en op weg helpen naar het juiste cluster en de juiste schoolsoort. Na 3 jaar moet er een herindicatie aangevraagd worden. Meer informatie voor ouders is te vinden op de volgende websites:
